| |
Preek 10 februari 2008
1e zondag van de 40-dagentijd.
Genesis 2,7-9.3,1-7. (Psalm 51. Romeinen 5,12-19), Mattheus 4, 1-11.
Ik heb 'm toch maar niet gekocht, bij Bruna op het station. Wel even doorgebladerd. Een typisch lifestyle blad voor homo's. Er lagen er nóg een paar. Als ik het zo'n magazine eens doorneem, dan vallen mij drie thema's op: het gaat er om mooi en jong (daarbij dus om uiterlijk, kleding, make-up), het gaat om sex (sex verkoopt!) en het gaat om luxe. Stellen en alleenstaanden die geen kinderen hebben, i.c. de doelgroep, hebben meer te besteden. Schoonheid, sex en luxe: in de media - de algemene media, maar ook in veel "homomedia" - worden ze geassocieerd met "de gay cultuur". Dikwijls gaat het immers meestal niet om de nuance; het leven is al ingewikkeld genoeg en dan is het maar 'fijn' dat we een duidelijk beeld hebben, van onszelf ofwel van een groep waarmee je niets te maken hebt of wilt hebben.
De verleiding is groot om mee te gaan in deze manier van denken en van omgaan, met onszelf en met anderen. We plakken labels op het voorhoofd van degene die tegenover ons is en dat label springt zodanig in het oog, dat we diegene voortaan behandelen niet als een medemens, maar als "een homo", "een Marokkaan", "een racist" enz. Die verleiding is groot, want alles blijft overzichtelijk en het sterkt je zelfvertrouwen en je zelfbewustzijn. Door je af te zetten tegen een ander maak je jezelf sterk.
Het is echter interessant om vervolgens eens te zien wat er in typische vrouwenbladen staat of in bladen voor heteromannen. Mooi en jong? Evengoed: de stalende huisvrouwen in de Libelle voldoen aan het ideaalbeeld van haar doelgroep net zoals de modellen in de Vogue. Ook voor de autobladen, sportmagazines en zelfs de tijdschriften voor huis en tuin geldt: de modellen zijn jong of in ieder geval bovengemiddeld knap. Hetzelfde geldt voor sex en luxe: ik heb nou niet de indruk dat hetero's in het algemeen onder doen voor homo's: op tv, in allerlei bladen, in advertenties. M.a.w. het klopt niet om schoonheid, sex en luxe enkel aan de zgn. homocultuur op te hangen. Zo kun je je als niet-homo wel heel gemakkelijk vrij pleiten: "Ik ben anders; ik ben niet zoals zij." En vervolgens doe je precies hetzelfde…
Door een ander te bekritiseren kun je jezelf afsluiten voor kritiek. En aan de andere kant: als je je aangevallen voelt, kun je verzuimen om eens kritisch naar jezelf te kijken; je schiet in de verdediging. Om met het beeld van de 1e lezing te spreken, als dat zo is, heb je je de vruchten van de boom van kennis van goed en kwaad toegeëigend [i.p.v. je eigen gemaakt], terwijl deze aan God alleen toekomen.
Kritisch kijken naar jezelf, in het licht van het evangelie, dàt is nu juist een bedoeling van de 40-dagentijd. Het is een mogelijkheid die de Kerk ons biedt, om nader tot onszelf te komen, nader tot onze medemens en nader tot God. Het is dezelfde Kerk wier leergezag toegeeft dat ze niet precies weet wat homosexualiteit is, maar het wel veroordeelt als iets wat niet goed is. Dat kan tot bitterheid stemmen. Hoevelen hebben hierom de geloofsgemeenschap al niet de rug toegekeerd? Hoe begrijpelijk dit ook is, van anderen een open houding eisen en die dan zelf niet aannemen, is niet geloofwaardig.
Derhalve, van het leergezag mag je verwachten dat het met een open houding zoekt naar waarheid en waarachtigheid en zich niet laten leiden door vooroordelen, angst en schone schijn. Zo mag je van gelovigen verwachten dat ze de mogelijkheden die geboden worden om betere gelovigen te worden, ook met beide handen aangrijpen. De verleiding om je de vruchten van de boom van de kennis van goed en kwaad toe te eigenen, de verleiding om zelf wel uit te maken wat goed en kwaad is, past heel goed in een cultuur waarin autonomie als een groot goed gezien wordt. In het evangelie vandaag zien we - in contrast - hoe Jezus de afwegingen maakt: vanuit Zijn relatie tot de Ander [in het Grieks: Heteros]. Onze hebzucht, ons verlangen naar eer en aanzien, ons verlangen om controle te hebben over een situatie, over de wereld desnoods, ze worden ontmaskerd als valse wegen: ze leiden ons niet naar het leven.
Maar als mooie, dure en lekkere dingen, als aanzien en waardering, als macht niet zaligmakend zijn, wat dan wel? Het lijkt misschien zo dat in het evangelie ons de keuze voorgehouden wordt tussen God en de satan/de verleidingen van 'de wereld'. Als je goed leest, zie je dat dit echter niet het geval is. God en wereld zijn trouwens ook onvergelijkbaar: de Ene is onzichtbaar, onmeetbaar en gaat ons oneindig ver te boven, daarvan alleen kun je niet leven. Toch is het niet zo zoals je in bepaalde kringen wel hoort, dat je moet kiezen tussen "God" en "de wereld met haar verleidingen", "God of de satan". In de woestijn, in de woestijn van het leven komt het er veeleer op aan in welk licht, in relatie waartoe je je keuzes maakt. Een mens leeft niet van brood alleen, maar óók van brood. Echter, als brood het enige wordt waarvoor we zouden leven, wordt de aarde, wordt onze leefwereld, al gauw tot woestijn: in die zin is de verwoesting van de natuur, van de schepping, een weerspiegeling van hoe het met het innerlijke leven van menigeen gesteld is.
"God of de wereld" is daarom een valse tegenstelling. Voedsel en enig bezit, waardering en het vermogen om te doen wat nodig is en wat je wilt - ze zijn nodig om te léven. Hoe je ermee omgaat, daarbij komt niet "God", maar je relatie met God, hoe je je verhoudt tot Zijn goede nieuws in beeld. Wat heeft het evangelie te maken met hoe je carrière maakt, omgaat met je geliefde en je buren, waaraan je je geld uitgeeft en hoe je je vrije tijd besteedt? Betrek je wat je leest in het evangelie bewust bij de afwegingen die je maakt? Neem je dagelijks de tijd en de rust om terug te kijken op je dag, hoe die er uitziet in het licht van Christus?
Het is daarom dat Jezus zich enige tijd terugtrekt: om gefocust te blijven, om in relatie tot Zijn Vader de goede keuzes te kunnen maken voor Z'n eigen leven, voor Zijn samenleven met anderen. De 40-dagentijd kan voor ieder van ons zo'n vruchtbare tijd worden, om gefocust en in relatie met de Ander te leven. Of m.a.w. je kunt er meer "hetero" van worden: niet zozeer in de zin van heterosexueel, maar in de zin van heteronoom; de noom, de regel waarnaar we willen leven ligt bij de Ander, Heteros. De vruchten van de boom van de kennis van goed en kwaad die we in de loop van de tijd ons toegeëigend hadden, kunnen we dan gevoeglijk laten hangen: ze zijn geen verleiding meer, omdat we ons bewust zijn van wie je bent in relatie tot God en tot welk geluk Hij je roept. Moge dat voor ons allen zo zijn. Amen.
Terug naar homepage Dignity
|
|