13 december 2009

3e zondag van de advent
Sefanja: 3,14-18a; Lucas: 3,10-18

Dames en heren,

Welkom U allen op deze decemberviering. Zij, die hier vanaf de eerste viering in 1988 bijna maandelijks zijn blijven komen. Zij, die regelmatig komen. Zij, die speciaal komen, omdat het de kerstmaand is. Bijzonder welkom, zij, die hier voor de eerste keer komen. Wij hopen, dat U zich hier thuis zult voelen. Nogmaals allemaal hartelijk welkom op deze kerkelijke roze zondag. Roze is de kleur van blijheid. Vandaag is het een vreugde - teken van het naderende Kerstfeest. In vele kerken, overal in de wereld, begint de viering met de intredezang: "Gaudete in Domino semper, iterum dico gaudete." Weest blij, voor de tweede maal zeg ik, weest blij. Roze is onze kleur, bijzonder geliefd bij lesbo's en homo's. Roze zaterdag, roze driehoek en ga zo maar door. Vandaag nestelen wij, homoseksuele vrouwen en mannen en hun sympathieke vrienden, ons als roze lichtjes in de kerstboom "Maria Magdalena kapel". De psalmist zingt: "Ecce quam bonum, et quam jucundum, habitare fratres sororesque in unum." Ziet, hoe goed en weldadig het is als zusters en broeders samen te zijn." Op zijn wolkje zingt de roze Jonker, Floris Michiels, glunderend mee. Hij heeft de aanzet gemaakt van onze vieringen. In december 1991 is hij, nadat ik hem het sacrament der stervenden had toegediend, heel rustig gestorven. Zijn nalatenschap willen wij goed beheren. Hij verdient het hem er vandaag weer bij te halen. Wij zullen de stilte verder laten spreken.

Lieve vriendinnen en vrienden,

Toen ik legeraalmoezenier was in Oirschot in de zeventiger jaren van de vorige eeuw, kwam op een dag voor kerstmis een jonge soldaat naar mij toe. Zijn naam ben ik vergeten, maar ik kan hem mij nog goed herinneren. Een grote fors gebouwde jongen. Hij had een motorfiets. Hij was niet van het houtje. Dat wil zeggen: "Hij was niet Katholiek." Ik hoor hem nog vragen: "Aal, je moet eens langs komen in Eindhoven. Op een zolder heb ik met twee vriendinnen een mooie kerststal met inhoud gemaakt." Op een avond ben ik er heen gegaan. Verbaasd was ik toen ik alles zag. Ik keek mijn ogen uit. Op mijn knieën ben ik gaan zitten en heb met grote verwondering heel stil gekeken. In deze kerststal laten drie jonge mensen zien, zoals wij bij de intredezang gezongen hebben: "Kijkt, hoe God met mensen omgaat." En Sefanja hoorden wij op het einde van de eerste lezing zeggen: "Verzamelen zal de Eeuwig Nabije, wie op je feesten moesten ontbreken." In deze kerststal waren ze allemaal uitgebeeld. Er was van alles te zien. Rond Maria, Jozef en het Kind stonden, lagen of zaten ze. De stille vereenzaamde weduwnaar in zijn schommelstoel. De aleenstaande bijstandsmoeder met drie kinderen, die bedeesd haar rok vasthielden. De dakloze zwerver, de drugsverslaafde, het heroïnehoertje, de verlegen, onwennige, illegale vreemdeling, een groepje kaartende bejaarden. Een gezinnetje, dat zich vermaakte met een gezelschapsspelletje. Achter een boom op de achtergrond bij de ingang van de stal stonden half verscholen twee jongens, die elkaar omarmden; het hadden ook meisjes kunnen zijn. Jongens met op hun lippen de vraag: "Mogen wij er ook in, er is toch niets mis met ons?" Mijn gedachten waren, om het met pater van Kilsdonk na te zeggen: "Homoseksualiteit is een trouvaille van God, een vondst van God." En ik voeg daaraan toe: "Het is een verrijking van je leven." Turend hoorde ik het Kind tot de jongens zeggen: "Komen jullie maar vooraan knielen, lekker dicht bij mij." En Maria gebruikte haar hand om dit te bevestigen. En ik hoorde de engelen zingen de woorden van ons intrede-lied: "Hoort en ziet hoe God met mensen omgaat." In deze stal ontbraken Vaticaanse prelaten en Nederlandse bisschopen. Zij ketenen ons en veroordelen ons - homoseksuelen- indirect, door te zeggen en schrijven dat onze omgang met elkaar geen liefde is.

Lieve mensen, vandaag sta ik voor een soortgelijke stal als de Eindhovense stal: Dignity Nederland, een Allemansstal. En wij vragen het Kind, zoals de omstanders aan Johannes: "Wat moeten wij doen?" En het antwoord is, kijk eens naar Eindhovens kerststal en luistert naar Jesaja's woorden.
Goed nieuws brengen aan de armen,
opbeuren, wie alle moed verloren hebben,
gevangenen de vrijheid aanzeggen,
wie opgesloten zitten loslaten.
Rorate, coeli, desuper et nubes pluant Justum.
Dauwt hemelen van omhoog en dat de wolken gerechtigheid regenen.
Onlangs is een boekje verschenen van Huub Oosterhuis getiteld "Kom bevrijden".

Amen.

Terug naar homepage Dignity