12 april 2009

Pasen

Pasen is vanouds een lentefeest. Het is toch enorm verbazingwekkend, hoe al wat leeft groeit uit kleine celletjes. Een paar weken geleden was het buiten nog een dorre boel, nu staat alles in bloei. Met Pasen wordt in de kerk, in de paaswake, het scheppingsverhaal uit de bijbel gelezen. Hoe je het ook opvat, dat God letterlijk de wereld in zes dagen heeft geschapen, of dat je meent dat alles door evolutie tot stand gekomen is. - Andries Knevel vindt de evolutie een verklaring hoe alles tot stand gekomen is, zij het dan dat hij met andere gelovigen meent dat God in de evolutie scheppend aanwezig is. - Hoe je het ook opvat, het gaat erom dat je je blijft verwonderen over de schepping, over de wereld zoals die is. Er kwam na de uitspraak van Knevel een heleboel discussie. Er kwamen borden langs de snelweg: met leuzen als: "God bestaat niet", en anderen reageerden met een bord of een spandoek: "God bestaat wel". Ik zou er een bord bij willen plaatsen met de oproep: "mensen, blijf je verwonderen!" Zonder verwondering wordt alles zo banaal. Het is de verwondering die ouders voelen als een kind uit hun liefde verwekt, in de buik van de moeder groeit en geboren is. Het is de verwondering waarmee je naar jezelf kan kijken als je zo uit de douche voor de spiegel staat: dat jezelf zo gegroeid bent tot de mens die je bent. Niet alleen uiterlijk, maar ook van binnen. Er is niemand in de wereld die precies zo is als jij. Ook al ben je door je geaardheid verschillend van de meeste andere mensen, je mag zelf een geheel eigen kleur aan je leven geven. Want je bent geen product van de lopende band, maar een mens die uniek is. Daarom staat er in het bijbelse scheppingsverhaal dat ieder mens geschapen is naar het beeld van God zelf. Het scheppingsverhaal in de bijbel is ontstaan uit verwondering. Het is 2500 jaar geleden bedacht en opgetekend in de beelden en de voorstellingswereld van die tijd, toen men nog dacht dat de aarde een hele grote pannenkoek was en de hemel als een grote stolp daarboven. Het scheppingsverhaal is eigenlijk een prachtig gedicht. Een lofzang op de grootheid van God, die blijkt uit zijn werken: het tot stand komen van een schitterende wereld. Maar ook in onze tijd kunnen grote wetenschappers diep onder de indruk zijn van de grootheid van het Universum dat zij bestuderen. Echte grote wetenschappers zeggen dan ook: "hoe meer we ontdekken, hoe meer mysteries we ontwaren". En de grote natuurkundige Albert Einstein zag in het heelal de manifestatie in van een "geest die oneindig superieur is aan die van de mens. Dan moet je wel heel nederig worden", zei hij. Verwondering en ontzag….
En zo is geloof in God ook het resultaat van verwondering. En als er geen verwondering is, is het geen echt geloof. Het was de verwondering van het joodse volk dat ze veilig uit de slavernij van Egypte ontkomen waren, en ze beschreven die ontsnapping met een mooi verhaal, als een wonder. Eerst waren ze slaven, nu waren ze vrij op weg naar het Beloofde land. Ze kregen het vermoeden dat er een goddelijke macht was die hen geholpen had. Ik denk dat we dat allemaal wel eens hebben gevoeld als we zelf aan iets heel akeligs zijn ontkomen. Een nare ziekte die is overwonnen, een bijna dodelijk verkeersongeluk waaraan je bent ontsnapt, is hier een engel geweest die mij heeft gered?
Het was de verwondering van de leerlingen van Jezus, toen ze na zijn verschrikkelijke kruisdood merkten dat het toch doorging. Dat het niet afgelopen was, maar eigenlijk pas begon. Hoe er steeds meer mensen gingen geloven dat Hij werkelijk leefde. Het was de verwondering over het lege graf en de verschijningen, waarin zij Jezus zelf zagen. Ze herkenden Hem bij het breken van het brood. Maria Magdalena had een tuinman haar naam horen noemen en hier was méér dan de tuinman. En ze gingen de verhalen over Jezus opschrijven. Ik merk zelf dat die verhalen in het evangelie mij nooit vervelen, maar altijd weer boeien. Je kunt er lezen hoe de soldaten die Jezus gevangen namen terugdeinsden, omdat ze merkten dat Jezus niet zomaar een gevangene was, maar een mens die iets heel subliems had. Een verhevenheid die boven de angst uitging, die gewoonlijk arrestanten beheerst. Een verbazingwekkende mens. Ik merk tot mijn verwondering dat er ook nu nog steeds mensen geloven in de verrezen Christus. Dat Hij leeft en dat Hij in ons werkt. Ik merk het in mensen die beslist niet achterlijk zijn. Maar die er wel een heleboel kracht en inspiratie aan ontlenen. Vorige week maakte ik een lange wandeling. Het was een van de eerste schitterende lentedagen. Ik dacht bij mijzelf: eigenlijk is nu al het paradijs aangebroken. Het is er al, ja, maar dan vooral diep in onszelf, maar het is nog verborgen, dat paradijs, zodat je het maar af en toe voelt, zoals op zo'n bijzondere eerste lentedag. Ik wandelde door mijn eerdere woonplaats, mijn laatste parochie voor mijn emeritaat, en herkende een oudere parochiaan, een dame op leeftijd. Ze liep op mij af en zei: "pastor, nu ik u zie, moet ik het u nog eens zeggen: ik voel, hoe ouder ik word, steeds meer dat de Heilige Geest overal aan het werk is". Die Heilige Geest had haar altijd geholpen bij alle tegenslag. Toen hun zaak en huis door brand waren verwoest had ze tegen haar man gezegd: "kom, we beginnen weer gewoon opnieuw". De Heilige Geest is de Geest die Jezus bezielde. Het is de Geest van Hem die Verrezen is en die lééft, en onder ons woont. Die vrouw straalde uit haar ogen. Die vreugde wens ik u allemaal toe.

Terug naar homepage Dignity